Tukuls getroffen door mortiergranaten.

Tukuls getroffen door mortiergranaten.

Inmiddels liggen we bijna allemaal plat op de grond in het centrum van het ‘kantoortje’ waar ten minste drie muren ons scheiden van de buitenwereld. Dit is de beste plek mocht er een mortiergranaat ergens in het gebouw inslaan en plat op je buik liggen met je voeten naar de kant van de mogelijke ‘inslag’ is de beste houding. We weten het allemaal, toch voelt het zo gek nu ik iedereen op de grond zie liggen. Mama Eunice heeft haar ogen dicht. Sander (de project coordinator) kijkt om zich heen, het lijkt alsof hij even wil zien of iedereen oke is, als een kapitein aan ‘t schip. Minuten daarvoor hoorden we zo’n oorverdovend geluid dat het niet anders kan dat die granaat dichtbij is ingeslagen. Ik zat al op de grond, maar toen mijn hart door deze klap een slag oversloeg en de grond deed trillen, ging ik als in een impuls plat op de grond. Mijn collega’s deden hetzelfde. Gelijk na deze ‘blast’ klinkt gegil en daarna is het stil. Doodstil. Zelfs de honden, vogels en ezels maken geen geluid meer. De spanning is te snijden. Ik hoor alleen mijn hart bonken van adrenaline. Komt er nog zo’n granaat? De stilte laat me stilstaan bij de intensiteit van het moment. Zijn er slachtoffers gevallen? Het had ook ons huis kunnen zijn…. Maar al snel wordt mijn aandacht weer afgeleid door een tegenreactie van deze kant. Het is alsof de tanks die tegenvuur geven direct naast ons kantoor staan zo luid klinkt het, nadat de granaat afgevuurd is, horen we pas acht seconden later de terugslag door de trilling van de deuren en de grond. Nu de granaten ook deze kant op lijken te worden afgevuurd nemen we nog meer maatregelen dan we al hadden genomen. In een rustiger moment staan we op van de grond en als een team dat al jaren lijkt samen te werken pakken we alle matrassen die we hebben en barricaderen deze tegen onze ramen en deuren. Dit zou de impact van de scherven van glas bij een een eventuele ‘blast’ enorm moeten verkleinen. Als in een flits ben ik weer terug op onze ‘veiligheidstraining die gegeven werd door het Rode Kruis’. Ik vond de training destijds goed, maar ik had nooit verwacht zoveel van die kennis nodig te hebben…

Matrassen om de impact van rondvliegende glasscherven te verkleinen. © MAF/LuAnne Cadd

Matrassen om de impact van rondvliegende glasscherven te verkleinen. © MAF/LuAnne Cadd

Medair in Renk

Een passage uit de spannende dag in Renk waar Medair gezondheidszorg brengt, een voedingsprogramma heeft en hulp brengt op het gebied van water en sanitair aan duizenden vluchtelingen. Medair werkt al in Renk sinds 2011, maar sinds 2014 zijn de services uitgebreid omdat er veel vluchtelingen naar de grens met Sudan vluchten en er een neerzetting voor vluchtelingen kwam met meer dan 10,000 vluchtelingen op een plek.

Onveiligheid

Nu de gevechten over zijn, kan ik jullie meer details vertellen van wat ik heb meegemaakt. Ik wil jullie niet bang maken met mijn verhaal, of onnodig ongerust, maar het is iets wat ik niet alle dagen mee maak en ik wil jullie meenemen in het verhaal wat voor zoveel oorlogsslachtoffers dagelijks bittere werkelijkheid is. Zoals jullie weten doet Medair er alles aan om ons zo veilig mogelijk te laten werken en zelfs in dit land in oorlog heb ik me nog nooit onveilig gevoeld. Oke, misschien 1 keer toen een soldaat in burgerkleding het niet leuk vond dat ik een foto in de markt nam en me dat even op een autoritaire manier duidelijk kwam maken. Dit is anders. Renk heeft in het afgelopen jaar al veel onveiligheid gekend en er zijn al veel vaker gevechten uitgebroken. Toen Willem er in april zat heeft hij ook uren in de ‘saferoom’ gezeten. Maar omdat deze onveiligheid in golven komt is het niet echt te voorspellen wanneer het losbarst en Medair komt juist op die plekken waar de hulp zo hard nodig is, dus ook op deze plek. Daarom zijn we goed voorbereid. James (de base manager) had ook al weer extra water opgeslagen bij onze ‘overlevings-voorraden’. Op donderdagavond hoorden we dat er misschien de volgende dag gevechten zouden zijn tussen de regeringstroepen en de oppositie. Als er geruchten zijn, dan komen ze lang niet altijd uit.. maar dit keer dus wel. Met ons toffe team van tien medewerkers waren we al voorbereid op mogelijke gevechten in Renk en ik ervoer de hele dag een enorme vrede over me. Wetende dat veel mensen ook regelmatig voor ons bidden en dat God er bij is, altijd.

Verhalen brengen de oorlog dichterbij

Vorige week dinsdag vloog ik samen met een communicatie persoon van Mission Aviation Fellowship (MAF), LuAnne, die in korte tijd een van mijn favoriete fotografen is geworden, naar Renk. Zonder Willem, die was net weer terug in Juba. LuAnne heeft vier verhalen nodig over het werk wat Medair kan uitvoeren omdat de MAF goederen en collega’s naar Renk vliegt, om te kunnen delen met donors. Ik ging graag met haar mee! Woensdag en donderdag waren we op pad geweest in Renk en we hadden al veel indrukwekkende verhalen gehoord – de oorlog kwam door de verhalen al erg dichtbij.

Verlaten straten in Renk als wij zondag even er op uit gaan om een 'chai' of 'bun' te drinken... © MAF/LuAnne Cadd

Verlaten straten in Renk als wij zondag even er op uit gaan om een ‘chai’ of ‘bun’ te drinken… © MAF/LuAnne Cadd

Onderduiken

Vrijdag werd ik om vijf uur wakker van de eerste knal. Het klonk redelijk ver weg, maar had me wel gelijk helemaal wakker. Ik sliep op een kamer met LuAnne en een paar dreunen en een gesprek met Sander (de projectcoordinator hier die de leiding heeft)  verder, leek het ons verstandig haar ook wakker te maken. Ze had oordopjes in, dus het duurde even voordat ik haar aandacht had. LuAnne zei: “Oh, dankjewel – ik heb niet eens iets gehoord! Ik slaap nog even verder.” De doorgewinterde expat die jarenlang in Congo heeft gewoond in gebieden waar rebels continue vochten dacht dat het wel mee zou vallen… en keerde zich weer om, om verder te slapen. Zelf pakte ik vast de hoognodige spullen die we nodig hadden in het geval we zouden moeten vluchten. Een runbag (een tas die we van Medair krijgen met medicatie, waterfilter, zaklamp, een kompas, anti-malaria etc.), mijn camera, een extra setje kleding, een zaklamp, een waterfles, mijn paspoort etc. Echt een rugzak die je makkelijk kunt dragen als je op de vlucht bent. Tien minuten later horen we de geluiden dichterbij komen en wek ik LuAnne om nu toch echt uit bed te komen en ons te verplaatsen naar de ‘safe room’ (de veiligste kamer in het kantoor). Luanne is onder de indruk van alle maatregelen die Medair van tevoren al had getroffen.

Als je meer dan tweehonderd granaten telt…

Vanaf het moment dat ik wakker werd heb ik meer dan tweehonderd mortier/tankgranaten geteld die vanaf deze kant werden afgevuurd door tanks en mortieren. Sommigen ver weg, die meer klonken als een bonkende hartslag, en anderen klonken zo luid dat het leek alsof je pal naast de tank stond. Bijna allemaal kwamen ze van onze kant vandaan, dus ookal was dat dichtbij – ze schoten niet naar ons toe maar naar de andere kant van de rivier. De ene keer achter ons de andere keer naast ons. Het leek wel alsof ze vijftien verschillende tanks hadden geplaatst, allemaal om ons heen. Terwijl de minuten voorbij vlogen (dat had ik niet verwacht als we met z’n allen zo dicht op elkaar gepakt zitten in zo’n kleine ruimte) waren zo veel explosies zo ongelofelijk dichtbij en enorm luid! De grond trilde, de ijzeren deuren kletteren in hun kozijnen, echt oorverdovend. We hoorden een scherpe harde knal, en alsof een golf tegen ‘t gebouw aan golfde, kwam een aantal seconden later de terugslag en trilde alles na. Later in die middag klonken er ineens nog drie schoten zo dichtbij vanaf deze kant, dat we automatisch in elkaar doken en LuAnne zei: “Ruik je die lucht? Het is net alsof er heel veel lucifers zijn afgestoken.” Even stond ik weer stil bij het feit dat de meeste granaten vanaf hier waren afgeschoten. Ik had er niet aan moeten denken wat er gebeurd was als de tweehonderd granaten deze kant op waren gekomen…

Zijden draadje…

Ik begon mijn verhaal met het feit dat we plat op de grond lagen en dat een granaat dichtbij ons kantoor was ingeslagen. Tijdens de korte wandeling naar ons kantoor, later in de middag kwamen we er achter dat een mortier nog geen 75 meter van ons kantoor was ingeslagen. Dat was die hartversnellende, oorverdovende klap geweest. Het was ingeslagen op een compound met vier ‘tukuls’ van klei en daken van stro. De muren stonden nog recht overeind met brandplekken hier en daar, maar de daken waren compleet afgebrand. Toch bracht het zien van deze drie tukuls (1 was onbeschadigd) me ook een soort van ‘rust’, want ik geloof niet dat als zo’n mortier ons huis zou raken deze door meer dan 1 stenen muur zou gaan… De volgende dag hoorden we dat Renk ongeveer vijf van deze granaatinslagen had gehad, maar niemand was omgekomen. Wel was bij een van onze collega’s het dak van haar huisgeblazen door een granaatinslag. Gelukkig was zij net met haar baby naar buiten gegaan. De rest van de shelling kwam vanaf deze kant. Tweehonderd mortieren en granaten. Als LuAnne op een gegeven moment aan me vraagt wie ik denk dat er geraakt zijn aan de andere kant zeg ik dat er gelukkig bijna geen dorpelingen zijn aan die kant en dat de meesten al lang zijn weggevlucht. Dat het eigenlijk alleen maar soldaten zijn. Maar op hetzelfde moment dat ik ‘t uitspreek denk ik er over na wat ik zeg. Alleen maar soldaten. Ook die soldaten waren ooit kind. Het zijn ook mensen. Alleen maar soldaten…. Pfff… het is zo’n heftige oorlogssituatie hier…

Twee miljoen vluchtelingen, twee miljoen intense verhalen

Deze ervaring bracht de oorlog dichterbij voor mij. Maar eigenlijk doet deze hele ervaring in Renk dat. Ik heb nog niet eerder samen met een andere vrouw interviews gedaan op deze manier en het was heel bijzonder om dit zo samen met LuAnne te mogen doen. De verhalen van een aantal vrouwen ging heel diep. Hun intense verhalen brachten de oorlog heel dichtbij. Soms raakt het je meer dan andere keren. De twee miljoen mensen op de vlucht waren eerst meer statistieken en nu opeens werden het allemaal verhalen zoals het verhaal van de zwangere, gevluchte vrouw Atrin (waarover in een ander verhaal meer) of James, die zegt: “Medair was de enige organisatie die bij ons bleef tijdens het conflict. Medair is zo’n fijne en betrouwbare organisatie. Als we ziek worden, worden we ook weer beter. Als Medair er niet was zouden veel mensen onnodig zijn gestorven. Medair zorgt voor ons.”

Zonder elektriciteit

We zaten al een week zonder elektriciteit. Op de meeste locaties waar Medair werkt, hebben we een generator nodig om stroom op te wekken, maar in Renk was er ‘stads-elektriciteit’.. tot een week geleden dit ergens kapot ging en ‘t maar afwachten was wanneer ‘t weer gemaakt zou worden. Dit betekent dat sinds we zijn aangekomen we alleen overdag wat internet hebben en ‘s avonds ‘t enige licht wat hoofdlampen zijn. De nachten zonder waaiers zijn gigantisch heet. Een nat laken over me heen bracht iets verkoeling, maar werd al snel weer te warm. De waterpomp werkte nu ook niet meer, dus we gingen weer terug naar ‘old-fashioned’ emmer-douches. Het kantoor draaide een aantal uren per dag op een generator, zodat we nog iets werk op onze laptops konden doen en wat mails konden versturen. Maar tijdens de bombardementen konden we de generator niet aan doen, want dat zou teveel lawaai maken en dan konden we niet horen wat er gaande was. Op die bewuste vrijdag echter, was rond twee uur ‘s middags ineens de elektriciteit weer terug. Onze collega’s juichten van vreugde en sommigen maakten zelfs een vreugdedansje: ‘Internet!’ klonk het in koor. Het is toch bizar om te bedenken dat tijdens al deze bombardementen iemand nog steeds bezig was om de elektriciteit te repareren…???

Eindelijk is het dan voorbij… 

Na een goede nachtrust begon ‘t mortiervuur opnieuw om zes uur, dit keer een stuk minder en meer sporadisch – in totaal zo’n twintig knallen die ochtend. We kregen geruchten door dat het misschien nog wel eens wat heftiger zou kunnen worden, dus maakten we de voorzorgsmaatregel om de auto’s in te laden met ‘overlevingsvoorraden’ en om naar het grote dorp waar we een kliniek hebben te rijden. Dit dorp zit aan de andere kant van de weg, verder weg van de rivier – wat blijkbaar net buiten het bereik zit van het artillerievuur. Rond elf uur krijgen we van de bevolking te horen dat de regeringstroepen daar de plek weer hebben ingenomen en de oppositie hebben weggedreven. De spanning druipt weg… mensen juichen, zingen en dansen op de straten die weer tot leven komen. Sindsdien is het rustig gebleven…

En vandaag gaan we weer op pad om de verhalen van de mensen hier te horen. Zij hebben waarschijnlijk niet zo’n ‘overlevings-voorraad’ en ‘safe-room’ – zij hebben vaak al voor de zoveelste keer moeten vluchten. Hoe was dit mortiergeweld voor hen? Beleefden zij hun eerdere angstaanjagende vlucht opnieuw? Doken ze bij elke knal in elkaar? Ik voel me dankbaar over hoe goed ik het heb en in vuur en vlam om er alles aan te doen hun verhaal te vertellen en het niet ongemerkt voorbij te laten gaan…

Bidden met de vluchtelingen die we zojuist hadden geinterviewd. © MAF / LuAnne Cadd

Bidden met de vluchtelingen die we zojuist hadden geinterviewd. © MAF / LuAnne Cadd

Deze vrouwen zijn helden. Angstaanjagende vluchtverhalen maar nu er alles aan doen om hun gezin in primitieve omstandigheden alles te geven wat ze hebben..© MAF/LuAnne Cadd

Deze vrouwen zijn helden. Angstaanjagende vluchtverhalen maar nu er alles aan doen om hun gezin in primitieve omstandigheden alles te geven wat ze hebben..© MAF/LuAnne Cadd

Je kunt nu ook het radio-interview met Radio5 hier beluisteren.

Tags: , , , , , , , ,